Lancering baanbrekende internationale aanpak van online seksueel beeldmateriaal

De strijd tegen online seksueel misbruik van minderjarigen is een van de grootste uitdagingen van deze eeuw. Illegaal gedeelde afbeeldingen en video’s van online seksueel beelmateriaal (CSAM=Child Sexual Abuse Material) circuleren soms al jaren op internet. Slachtoffers blijven daardoor levenslang slachtoffers. De Instant Image Identifier (hiervoor bekend als Hashcheckserver) die het afgelopen jaar in opdracht van de Europese commissie en in samenwerking met PwC, Web-IQ en ESN is doorontwikkeld, kan daar verandering in brengen. Het idee is dat gebruikers, zoals webhostingproviders, met de Instant Image Identifier kunnen controleren of beeldmateriaal dat naar hun server is geüpload, al bestaat in databases met bekende CSAM. De Instant Image Identifier maakt daarbij gebruik van verschillende internationale databases zoals die van Interpol, NCMEC en de Nederlandse politie. De Instant Image Identifier moet zorgen voor het snellere en grondige verwijderen van beeldmateriaal van online seksueel kindermisbruik. Op 31 mei vindt de online presentatie plaats en wordt dit bijzondere instrument uitgebreid toegelicht door meer dan tien verschillende sprekers. Mocht je je willen aanmelden voor het online event, kijk dan op www.3i-s.eu.

Blinde vlekken bij het detecteren van kinderporno zichtbaar dankzij nieuwe technologie

De nieuwe baanbrekende hightechtool LIBRA maakt het mogelijk dat kinderporno voortaan wereldwijd kan worden gedetecteerd en verwijderd op plaatsen waar nog nooit iemand heeft gekeken.

Jaarlijks komen er bij het Meldpunt vele honderdduizenden meldingen binnen. Dankzij de komst van de Hashcheckserver daalt sinds een aantal jaren het percentage nieuwe meldingen, maar dat is slechts het topje van de ijsberg. Het Meldpunt Kinderporno kan namelijk alleen acteren naar aanleiding van een melding en mag zelf niet zoeken naar materiaal. Daardoor hebben we geen goed beeld waar precies beeldmateriaal van seksueel misbruik van minderjarigen zich bevindt. Bovendien geven de meldingen onjuiste informatie over waar het zwaartepunt van de verspreiding ligt.

LIBRA (Labelling Identifiability by Remote Analyses) moet daar verandering in brengen. Deze hightechtool, ontwikkeld door Web-IQ, is in staat om real time inzicht te geven in de verspreiding van beeldmateriaal van seksueel misbruik van minderjarigen op het open internet. Er kan heel gericht en zonder de foto’s te downloaden, op te slaan of te bekijken, worden gescand. Er wordt uitsluitend open data gescand en de privacyregels zijn nauwkeurig in acht genomen.

LIBRA scant op afstand delen van het internet waarbij een zogenaamde ‘hash’, een digitale vingerafdruk wordt berekend van de gevonden afbeeldingen. Vervolgens wordt deze met behulp van de hashceckserver vergeleken met bekend strafbaar materiaal. Is dat het geval? Dan wordt dit geregistreerd. LIBRA bevat de omstandigheden van alle scans waarin de hash is aangetroffen. Een mogelijke omstandigheid zou kunnen zijn dat er eerder strafbaar materiaal is gevonden. Op basis daarvan worden de hashes voorzien van een simpele risicoscore. Hashes met hoge scores komen vervolgens alsnog bij het Meldpunt terecht om gecheckt te worden. Tot nu bleken 80% van de hashes die door LIBRA als verdacht werden aangemerkt, ook daadwerkelijk afbeeldingen van seksueel kindermisbruik te bevatten.

Tot op de dag van vandaag werd er voornamelijk materiaal gemeld met afbeeldingen van meisjes, terwijl we weten dat ook veel jongens slachtoffer worden van misbruik. Al tijdens de testfase vond LIBRA een Europese hotspot met zeer veel beelden van met name misbruikte jongens. LIBRA is niet alleen een uitstekend tool voor detectie, het geeft de politie ook meer inzicht en richting. Slachtofferschap kan hiermee worden voorkomen en andere hotspots binnen en buiten Europa kunnen in beeld worden gebracht.

Langslepende rechtszaak over naaktbeelden gewonnen door Stichting Stop Online Shaming en EOKM

Amsterdam – In het vonnis van Rechtbank Amsterdam in de zaak van Stichting Stop Online Shaming (‘SOS’) en HelpWanted, onderdeel van het Expertisecentrum Online Kindermisbruik (‘EOKM’), tegen een pornowebsite is vandaag bepaald dat pornowebsites alleen naaktbeelden mogen publiceren indien zij over de toestemming van de personen die in beeld komen beschikken. Alleen overduidelijk professionele beelden zijn van dit verbod uitgezonderd. Het is een overwinning voor de rechten van slachtoffers waarvan deze naaktbeelden ongewenst werden gepubliceerd.

Verstrekkende gevolgen

De uitspraak is daarnaast niet alleen een tegenslag voor de betreffende pornowebsite, maar heeft impact op álle websites die seksuele beelden commercieel exploiteren. Willem van Lynden, bestuurslid van SOS: “Nu vast is komen te staan dat niet-professionele naaktbeelden alleen geopenbaard mogen worden indien hiervoor toestemming is gegeven door degenen die in beeld komen, zijn de meeste pornowebsites direct in overtreding.” Niet langer hoeft de onrechtmatigheid van iedere individuele video te worden aangetoond, van deze beelden mag er nu van worden uitgegaan dat ze onrechtmatig zijn, ook al zijn de slachtoffers onbekend, een enorme stap voorwaarts.

“Wij zullen dan ook niet schromen om door te pakken en de grote, wereldwijde, pornowebsites aan te spreken op hun onrechtmatig handelen en aanpassing van hun werkwijze te eisen”, aldus Van Lynden namens Stop Online Shaming. Hoewel een enkele pornowebsite zelf reeds maatregelen heeft getroffen om alleen beelden waarvoor expliciete toestemming voor is gegeven te publiceren, heeft 99% van de websites dat volgens SOS nog niet gedaan.

Overwinning voor de slachtoffers

Voor slachtoffers van ongewenste sexting en online shaming is de uitspraak een overwinning. Zowel het handelen van de publicerende websites als de uploaders zelf is door dit vonnis als onrechtmatig bestempeld. Het is een erkenning voor het leed dat hierdoor wordt aangericht.

Arda Gerkens, directeur/bestuurder van het van EOKM is blij met de uitspraak: “We zijn blij dat de rechter heeft besloten wat we al dachten: je kunt niet zo maar zonder expliciete toestemming filmpjes plaatsen. Dit maakt het ook makkelijker om die beelden te laten verwijderen. En daar kan Helpwanted bij helpen.” Ook EOKM en Helpwanted willen ‘doorpakken’ en platforms aanspreken die zich niet aan het vonnis houden: “Platforms zullen nu hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Ze mogen geen content plaatsen zonder expliciete toestemming, simpel en alleen omdat ze daar geld mee kunnen verdienen”, aldus Gerkens. 

Het vonnis maakt het aanspreken van deze platforms makkelijker. Otto Volgenant van Boekx Advocaten staat EOKM en SOS bij: “Dit vonnis is een mijlpaal, een ‘landmark decision’. De online porno-industrie zal drastisch moeten opschonen. Voor een individueel slachtoffer is het heel moeilijk om onrechtmatige beelden offline te krijgen en vaak weten slachtoffers niet eens weten dat ze stiekem op internet zijn geplaatst. Het belang van deze uitspraak is in deze collectieve procedure is dat voor het eerst recht wordt gedaan aan deze slachtoffers. Wereldwijd is dit nog niet eerder gebeurd.”

De uitspraak is hier terug te lezen.

Het is hard werken om de schuld bij het meisje vandaan te halen!

Je hebt een foto gedeeld waar je net iets meer van jezelf bloot hebt gegeven dan je normaal gesproken zou doen. Spannend! En ook een beetje eng. En dan gebeurt het: ineens is je naaktfoto niet meer privé, maar gaat hij de hele school rond. Iemand heeft ‘m doorgestuurd. Je bent er kapot van. Wat nu?

Dat is in een notendop de inhoud van Shame On You, een interactieve, wervelende voorstelling van theatergroep PlayBack. Leerlingen van middelbare scholen worden meegenomen in de gevolgen van ongewenste sexting. Kim Zonneveld (artistiek directeur van PlayBack, een organisatie die theater toegankelijk maakt voor jongeren van nu) vertelt meer over de voorstelling:

‘Helpwanted heeft ons benaderd omdat ze ervan overtuigd waren dat wij met theater het thema een extra dimensie konden geven. Een theatervoorstelling biedt herkenning en een veilige ingang voor een open gesprek. Het thema is online shaming; het delen, posten, het gevoel van schuld, empathie, het geven van hulp: alles komt aan de orde. Er zijn tal van scenario’s denkbaar hoe je zou kunnen reageren op zo’n foto: delen, verwijderen, doen alsof je het niet hebt gezien…. Er waren dus wel meer dan twee scènes voor nodig; anders wordt het een karikatuur. De voorstelling duurt nu een half uur. Zoals we bij al onze voorstellingen doen, gaan we daarna met de jongeren aan de slag via een interactief nagesprek, waarbij we hen ook laten oefenen met de situaties. Hoe kun je bijvoorbeeld ingrijpen wanneer je vriend wordt uitgedaagd om met foto’s te bewijzen dat een meisje echt zijn vriendinnetje is?

Onze mazzel is dat we een ijzersterke cast hebben. Repeteren met deze groep acteurs was één groot feest. De verhaallijn is rondom één meisje geschreven met een aantal verhalen eromheen zodat je verschillende invalshoeken kunt laten zien. De dader is namelijk niet alleen maar dader. Het is een collectief probleem. Maar toch: het was hard werken om de schuld bij het meisje vandaan te halen.

Ik vond het zelf ook best lastig om niet in het typische ‘je had dit ook niet moeten sturen’ te vervallen. Het is echt iets wat ouders zeggen. Terwijl je met ‘victim blaming’ de werkelijkheid uit het oog verliest: 30% van alle jongeren beleeft hun eerste seksuele ervaring online. In het stuk is er een mooi moment wanneer je voelt dat het publiek dat snapt: ja, seksueel gedrag is inderdaad online veel minder spannend. Je durft dus letterlijk meer van je te laten zien… Het lijkt online gewoon minder echt.

We hebben nu een aantal voorstellingen gespeeld en wat ik in het gesprek achteraf zie is dat jongeren het als een lastig onderwerp ervaren. Ze vinden het moeilijk om er voor elkaar te zijn. Zodra iemand iets zegt, zie je ze naar elkaar kijken met een blik van: ‘Hé, weet jij hier meer van?’ We zijn ons ervan bewust dat leerlingen kwetsbaar zijn. De interactieve gesprekken zoomen altijd in op de personages. We proberen weg te blijven bij het persoonlijke verhaal van de leerlingen omdat iemand zich anders onveilig kan gaan voelen. Het is ook best pittig om met soms wel 60 kinderen te praten over seks. Ze komen uit alle windstreken en het culturele aspect speelt zeker ook een rol. Niet iedereen voelt zich op z’n gemak met dit onderwerp. Maar we willen ze heel graag meegeven dat ze hulp kunnen en moeten zoeken. Dat ze in actie moeten komen ook als ze aan de zijlijn staan. Dat ze moeten stoppen met delen. Dat online gedrag een enorme impact kan hebben op je echte leven.

Ik houd heel veel van deze doelgroep. Ze zitten tussen kind en volwassene in. Eigenwijs maar ook onzeker. Misschien ben ik zelf nog een beetje een puber. Altijd op zoek naar spanning en sensatie. Het helpt denk ik ook dat ik zelf kinderen heb. Net als voor iedere volwassene die naar dit stuk kijkt, geldt ook voor mij: het is de moeite waard om je in deze jongeren te verplaatsen. Besef dat hun ontwikkeling zich voor een groot gedeelte online afspeelt. Probeer ze te begrijpen.”

Meer aandacht voor jonge groep kinderpornokijkers

Het eenzijdige en daarmee foutieve beeld van ‘de typische kinderpornokijker’ blijkt definitief verleden tijd. In een recent Fins onderzoek lezen we dat er een behoorlijk aantal jonge kinderpornokijkers te vinden is op het darkweb. 70% van de ondervraagde kijkers geeft aan minderjarig te zijn geweest toen ze voor het eerst kinderporno keken; 40% was zelfs jonger dan 13 jaar.

Ook Stop it Now! wordt regelmatig gebeld door minderjarigen. Mede vanwege de gegarandeerde anonimiteit zijn niet alle gegevens bekend, maar in 2020 was zeker 10% van de bellers jonger dan 18 jaar. 29% was tussen de 18 en 25 jaar. De gesprekken gaan over het feit dat ze zich zorgen maken over hun gevoelens en/of gedrag ten opzichte van minderjarigen. Ze kijken ook vaker naar kinderporno. Overigens wil dat niet zeggen dat deze jongeren zelf een seksuele voorkeur voor minderjarigen hebben of die zullen ontwikkelen. Soms zijn ze gewoon op zoek naar leeftijdsgenoten. Toch valt dat natuurlijk onder strafbaar gedrag en dragen ze met hun zoektocht naar kinderporno bij aan het creëren van aanbod.

Jongeren vinden het vaak erg spannend om te bellen met Stop it Now!. Ze ervaren een hoge drempel om met iemand over hun gedrag te praten. De angst om veroordeeld te worden is groot. Steun en hulp kunnen echter een significant verschil maken. Het al op jonge leeftijd kijken naar kinderporno kan namelijk van grote invloed zijn op het kijkgedrag op latere leeftijd. Daarom is het zo belangrijk om aandacht te hebben voor deze jonge doelgroep. Door de hulpverlening ook te richten op adolescenten, kunnen we erger voorkomen.

Meer lezen? Hier staat het onderzoek: Klik hier! (Het kan even duren voordat de pagina laad!)

Helpwanted.nl wordt inclusief

Apetrots zijn we. Samen met De Mediajungle en Vitamine Eef mogen we ons één van de winnaars van de All Inclusive Challenge 2021 noemen.

De challenge werd georganiseerd door Netwerk Mediawijsheid. Hun missie luidt: iedereen mediawijs. Daarom organiseerde Netwerk Mediawijsheid dit jaar deze bijzondere challenge. Netwerkpartners werden uitgedaagd om samen (eerste) stappen te zetten om inclusie te vergroten. De challenge was: bedenk- samen met tenminste één andere netwerkpartner – een mediawijsheid-initiatief waarmee wordt ingezet op een van de drie thema’s: inclusieve media, inclusief bereik en inclusief ontwerp.

Ons initiatief bestaat uit het bundelen van twee unieke expertises: De Mediajungle en Helpwanted.nl gaan op de thema’s sexting en sextortion samenwerken, co-produceren, verbinden en kennis delen. Met als doel mensen met een Licht Verstandelijke Beperking (LVB’ers) tips en advies te kunnen geven voor een veilig online seksleven. De samenwerking start krachtig en concreet met een online kennissessie voor en door jongeren met een LVB en hun professionele opvoeders. Als vervolg op de sessie willen we samen met de doelgroep nieuwe educatieve content ontwikkelen. De jury vond ons project zo mooi en waardevol en ons thema zo actueel dat ze ons als een van de zes winnaars aanwees. Dat houdt in dat we mogen delen in de prijzenpot van totaal € 50.000.

10 jaar Stop it Now!: wat is er veranderd?

‘Is er verschil als je kijkt naar de gesprekken van tien jaar geleden?’ ‘Wat moet er in het maatschappelijk debat veranderen om seksueel kindermisbruik en kinderporno bespreekbaar te maken?’ ‘Wat voor mensen krijg je eigenlijk aan de lijn? Belt er ook familie?’

Dit zijn slechts een paar van de vragen die aan bod komen tijdens de podcastspecial. Daarin gaan Ellen Janssen en Herman Brouwer met elkaar in gesprek over hun werk. Ellen Janssen is forensisch psycholoog en programmamanager bij Stop it Now!, een hulplijn die anoniem, gratis en onbevooroordeeld hulp biedt aan iedereen die zich zorgen maakt over z’n gevoelens en/of gedrag ten opzichte van minderjarigen. Herman Brouwer is behandelaar bij de Waag, het grootste centrum voor ambulante forensische geestelijke gezondheidszorg in Nederland. Zij bieden gespecialiseerde zorg voor mensen die grensoverschrijdend of strafbaar gedrag combineren met een psychische stoornis. Al sinds jaar en dag werken de twee intensief samen. Aanleiding voor het gesprek in de podcastspecial van De Forensische ZorgSpecialisten (DFZS) is het tienjarige bestaan volgend jaar van Stop it Now!.

Meeluisteren? Naar verwachting is de podcast in november te beluisteren via De Waag Nederland

Speciaal voor scholen: een interactieve theatershow over online seksueel misbruik!

Ook als leerkracht kan het ingewikkeld zijn om over seks te praten. Het wordt nog lastiger wanneer het om specifieke onderwerpen gaat zoals (ongewenste) sexting of online seksueel misbruik in het algemeen.

Gelukkig heeft theatergroep PlayBack daar in samenwerking met Helpwanted.nl iets op gevonden: de interactieve voorstelling ‘Shame on you’. Over Aya en Feico, een jong stelletje van 14 en 16 die te maken krijgen met de pijnlijke gevolgen van sexting.

Tijdens de 60 minuten durende theatershow, bedoeld voor klas 1,2, 3 van het voortgezet onderwijs, worden lastige onderwerpen zoals online seksueel misbruik toegankelijk en met de nodige humor behandeld. Spelenderwijs worden leerlingen ‘mediawijs’ gemaakt. Ze krijgen volop handvatten over hoe te handelen, mochten ze ooit zelf in een dergelijke situatie belanden.

Scholen kunnen de show boeken tot en met half februari. Er wordt dan in bijvoorbeeld een aula of gymzaal opgetreden. Kijk voor meer informatie op Help Wanted Theatertour

Lijkt dit je een geweldig idee en wil je de show liefst meteen boeken, neem dan contact op met info@helpwanted.nl of bel ons op 020 2615275.

Expertisebureau Online Kindermisbruik en PwC starten grootschalig internationaal project in de strijd tegen Child Sexual Abuse Material (CSAM)

We zijn samen met PwC bezig met een groot door de EU gefinancierd project om te onderzoeken hoe datasets van diverse partijen kunnen worden ingezet bij het opsporen van afbeeldingen van seksueel kindermisbruik.

De strijd tegen online seksueel misbruik van minderjarigen is een van de grootste uitdagingen van deze eeuw. Illegaal gedeelde beelden en filmpjes circuleren soms jarenlang op het internet. Met alle gevolgen van dien voor de slachtoffers.

Het project

Dit nieuwe initiatief met een tweetal grote stakeholders is bedoeld om CSAM sneller op te sporen en van het internet te verwijderen. Het project start met het in kaart brengen van verschillende CSAM-datasets. Iedere afbeelding of video heeft bepaalde karakteristieken waar een code aan is gekoppeld, een zogenaamde hash. Met deze hashes kunnen afbeeldingen van seksueel misbruik van kinderen worden opgespoord. Het project streeft ernaar een solide basis tegen CSAM te leggen door hashdatabases te verzamelen en het gebruik ervan toegankelijk te maken voor alle partijen die betrokken zijn bij de strijd tegen CSAM. Het project heeft een looptijd van anderhalf jaar, van maart 2021 tot augustus 2022.

Werkwijze

In eerste instantie is het zaak om de bestaande CSAM-datasets in kaart te brengen en ze door te lichten op zowel juridische als technische hiaten. De volgende stap zal zijn om aanbevelingen te doen voor de ontwikkeling van nieuwe geavanceerde datasets die geschikt zijn voor alle partijen én classificatie van CSAM op verschillende levels mogelijk maken. Dit omvat het herzien en eventueel aanpassen van de database-inhoud en -infrastructuur volgens vooraf gestelde eisen. Vervolgens zal een specifieke oplossing worden getest en gevalideerd om de industrie, inclusief beeldhostingservices in de EU, in staat te stellen vrijwillige detectie uit te voeren en de bekende CSAM te verwijderen. Daarnaast zullen de deelnemende organisaties zich buigen over een geïntegreerde en grootschalige campagne om de resultaten van het project bij een groot publiek bekend te maken.

Door ‘superserver’ kinderporno sneller van internet af

Na de komst van de Hashcheckserver en SCART (Sexual Child Abuse Reporting Tool) in 2019, tilt Cisco Nederland de speurtocht naar kinderporno nu ‘to the next level’. De nieuwe infrastructuur zal afbeeldingen van seksueel misbruik sneller en efficiënter van internet verwijderen.

Vier jaar geleden was er niet of nauwelijks aandacht voor de bestrijding van kinderporno op internet. Dankzij de gezamenlijke inspanningen van minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid en het Expertisebureau Online Kindermisbruik (EOKM) is het onderwerp de afgelopen vier jaar stevig op de kaart gezet. De komst van de hashcheckserver maakte een vergaande automatisering van de zoektocht naar afbeeldingen van online kindermisbruik mogelijk. Ferme taal van de minister richting hostingbedrijven om al het CSEM*-materiaal ook daadwerkelijk te verwijderen deed de rest. Al deze inspanningen hebben hun vruchten afgeworpen. In 2020 heeft het Meldpunt Kinderporno van het EOKM 18 miljard afbeeldingen gecheckt, waarvan 7 miljoen hits – oftewel afbeeldingen van seksueel misbruik van minderjarigen.

(*CSEM = Child Sexual Exploitation Material)

Waar gaat het om?

De door Cisco gedoneerde infrastructuur bestaat uit een hogesnelheidsnetwerk,  en een server plus de benodigde security. Hendrik Blokhuis van Cisco: ‘Vergelijk het met  een Formule 1 auto die door de binnenstad van Amsterdam wil rijden. Dat wordt niets. Je hebt een passend circuit nodig. Daar komen wij in beeld.’ De nieuwe infrastructuur is speciaal geschikt voor ML (Machine Learning) en AI (Artificiële Intelligentie). Verdere ontwikkeling daarvan zal gaan betekenen dat analisten nog maar een klein gedeelte zelf hoeven te behandelen. Uiteraard heeft de hele infrastructuur nog ruimte over en is hij zeer goed beveiligd. Joris te Lintelo van maincubes waar de server is gehuisvest: ‘We willen een fijn en veilig datahotel zijn en geen schuilkelder. Daarom leveren we hier graag een bijdrage aan.’

Hoe werkt het?

De nieuwe infrastructuur maakt het mogelijk om foto’s met een ander algoritme te scannen. In de huidige set up wordt een digitale vingerafdruk van de foto’s gemaakt; die afdruk (hash) wordt vergeleken met afdrukken in een database. Nadeel van het gebruikte algoritme is echter dat alleen 100% identieke foto’s herkend worden. Foto’s waarbij 1 of meer pixels afwijken – bijvoorbeeld foto’s met een identieke afbeelding waarbij het formaat is veranderd (resize) of waarbij de ‘verzamelaar’ een logo heeft toegevoegd – worden niet herkend. De door Cisco geleverde server heeft vier goed beveiligde hoge capaciteitsprocessoren die genoeg rekenkracht hebben om met het ‘PhotoDNA’-algoritme te werken. Dit algoritme herkent wél de afbeeldingen op foto’s. Daardoor maakt het niet meer uit of de foto een ander formaat, andere kleuren of een ingesloten logo heeft. Bovendien bevat de Cisco-server twee videokaarten die Machine Learning ondersteunen. Hiermee kan er snel en effectief een selectie gemaakt worden welke afbeeldingen een analist als eerste moet bekijken. De enorme rekenkracht maakt ook een groot en internationaal project mogelijk waarbij PricewaterhouseCoopers en het EOKM gezamenlijk onderzoeken hoe datasets van diverse partijen kunnen worden ingezet bij het opsporen van afbeeldingen van seksueel kindermisbruik. De intentie is om gebruik te gaan maken van AI (artificiële intelligentie) zodat analisten uiteindelijk steeds minder afbeeldingen zelf hoeven te bekijken. Arda Gerkens (EOKM): ‘Innovatie om online kindermisbruik te bestrijden gebeurt hier en nu in Nederland! Dit is echt een grote stap.’

Dankwoord van minister Grapperhaus

Donderdag, 27 mei, heeft minister Grapperhaus in het maincubes AMS01 datacenter in Schiphol-Rijk waar de server staat, z’n dank uitgesproken richting zowel het EOKM, Cisco en PwC voor hun inspanningen in de strijd tegen kindermisbruik. Ook andere partijen als maincubes, 3winfra en Fiberring dragen hier aan bij. Zij hebben de ruimte waar de server is gehuisvest en de internetverbindingen gesponsord.